De keep lijkt qua gedrag en formaat sterk op de gewone vink maar onderscheidt zich door een witte stuit en minder wit op de staart. De staart is sterker gevorkt dan bij de vink. Het mannetje heeft een oranje borst en schouder en een donkergrijze kop, die in het zomerkleed zwart kleurt. Het voedsel bestaat uit verscheidene oliehoudende en kiemende zaden, vruchten en bessen, knoppen en insecten. De vogel leeft in groepsverband met andere vinkachtigen. De keep komt in de wintermaanden in Nederland en België voor  maar broedt in de bossen van Scandinavië en verder tot in Siberië.